De paarden.




































































De IJslander.

Het IJslandse paard vindt zijn oorsprong in IJsland waar het zonder bekende invloeden van vreemd genetisch materiaal is gefokt sinds het eiland rond 900 werd gekoloniseerd. Het IJslandse paard is zuiver gefokt als alle voorouders terug te voeren zijn op IJsland.  Een typische IJslander is zelfstandig, werklustig sensibel en vriendelijk. De eerste rit op een IJslander is voor veel  ruiters een openbaring. Een echte IJslander denkt voorwaarts, dus loopt ook uit zichzelf. Niet te vergelijken met het gemiddelde manege paard. Bij veel IJslanders valt ook hun sensibiliteit op. Lichte hulpen zijn vaak voldoende om het paard aan het werk te zetten. En bij de versnelling komt de sensatie; de tőlt.
Het uiterlijk van de IJslander kan erg verschillend zijn, maar ze zijn typische rechthoekig en compact van vorm.
Kenmerkend is een afhangend kruis, lange en volle manen en staart en een dikke, beschermende wintervacht.
De namen die de IJslander bij geboorte krijgen zijn vaak afgeleid van de kleur van hun vacht en hun karakter. Deze twee aspecten worden gecombineerd zo en krijg je de IJslandse namen voor de paarden. Het IJslandse is paard is goed vruchtbaar en draagt gemiddeld 11 maanden een veulen, wanneer het veulen 6 maanden oud is kan het volledig zelfstandig eten en zonder de moedermelk. De IJslanders zijn paarden die lang uitgroeien en kunnen dan ook pas beleerd worden wanneer zij de leeftijd van 5 jaar of ouder bereikt hebben, daarentegen kunnen IJslanders tot hun 20-25ste door werken en zijn zij in goede conditie. Een
IJslander kan zoals elk anders paard, de stap draf en galop gang beheersen, maar de IJslander kan dus meer!

De IJslander kan ook nog de t
ő
lt en de telgang. In de tőlt  zijn het paard zijn benen het zelfde als in de stap, alleen versneld. Of veel sneller. In de tőlt heeft het paard geen zweef moment. Dat betekend dat er altijd een voet aan de grond is. Hierdoor zit de tőlt zeer comfortabel. Het paard heeft hierbij een trotse houding, gecompleteerd door het ritmische meedeinen van de staart. In de telgang beweegt de ijslander de twee benen aan een kant tegelijk. Daartussen is een zweef moment; alle vier de benen zijn even los van de grond. In deze gang kan de IJslander erg hard gaan. Je ziet ook vaak ijslanders in een langzame telgang lopen. Niet alle IJslanders kunnen de tőlt en de telgang, daarom wordt ook er gesproken van vier- en vijf gangers.



BjÖrg.
Op dit moment wordt onze apple "(hafdis) vergezeld door een andere merrie ijslander namelijk BjÖrg genaamd. Zij is een vos kleurige ijslander en zij is van 2005 en heeft haar eerste zes jaar doorgebracht in de kudde ijslanders waar ook apple vandaan komt. Na deze zes jaar en meerdere veulens werd het tijd dat ze gesocialiseerd word. Daarom is ze bij ons gekomen om aan de mensen te wennen en om te leren gaan met de mensen en langzaam aan een pony te worden die onder het zadel kan lopen, maar dit duurt nog wel even want Bjork vind op het moment alles nog erg spannend, maar toch ook wel erg gezellig al die aandacht.









Fleurtje
Fleur is een welsh pony van 1996. Fleur is een lieve pony van ongeveer 1.20  hoog en ze vind het  
 vooral erg leuk om door de kinderen op de boerderij geknuffeld en geborsteld te worden. Ook het  
 lopen van rondjes met de kinderen op haar rug op het erf is een van haar favoriete bezigheden.
 Voor fleur ging er een nieuwe "wereld open" toen ze voor het eerst mee ging in het bos, soms vind 
 ze het nog wat spannend, maar ook reuze interessant.
 Fleur heeft inmiddels kennis mogen maken het met trekken van een karretje en nadat ze eerst tien 
 minuten etelkens achterom heeft gekeken of dat "gekke"ding nu echt nog steeds achter haar aan   
 reed, heeft ze het geaacepteerd en loopt trots door het bos voor de kar.







© De balijhoeve